Arti¬≠kel 1

Het bestuur draagt zorg voor (en wordt daarbij ondersteund door het bondsbureau) een integraal financieel model en beleid. Daartoe zijn de volgende uitgangspunten van toepassing:

1. Rollen en verantwoordelijkheden conform het besturingsmodel dat op 17 december 2012 is goedgekeurd door de algemene ledenvergadering.

2. Uitgangspunten financieel beleid:
a. indien van toepassing is de continu√Įteitsreserve (CR) is altijd volledig gedekt door vlottende liquiditeit;
b. uitgaven uit de algemene reserve (AR) en / of bestemmingsreserves (BR) enkel mogelijk uit vlottende liquiditeit die niet nodig is voor dekking CR en operationele bedrijfsvoering (conform begroting);
c. géén bestemmingsreserves (BR) vormen of aanhouden die niet inhoudelijk onderbouwd zijn conform de richtlijn voor de jaarverslaggeving en of niet door
liquiditeit gedekt zijn;
d. extra uitgaven (boven AR, CR en BR) uitsluitend dekken en financieren uit sluitende exploitatie (en gedekte liquiditeit) of uit algemene reserve (onder voorbehoud van het bepaalde in artikel 2 lid b.);
e. jaarlijks vindt er op basis van de maand mei een indexatie plaats van de contributies, afdrachten en bijdragen aan IJNL. De contributies, afdrachten en bijdragen aan IJNL worden jaarlijks formeel door de algemene ledenvergadering goedgekeurd. Het uitgangspunt voor de indexering is de ontwikkeling van het kostenniveau van IJNL. De kosten bestaan enerzijds uit personeelskosten en anderzijds uit overige (activiteiten)kosten. Ten aanzien van de personeelskosten is de ontwikkeling onder andere afhankelijk van de cao afspraken en pensioenontwikkelingen. Voor de ontwikkeling van de overige (activiteiten)kosten wordt jaarlijks gekeken naar de consumentenprijsindex (CPI).

3. Budgetbeheer en uitgangspunten:
a. Begrotingsbeleid:
1. een jaarlijks minimaal sluitende begroting op basis van (strategisch) meerjarenbeleid en een door de ALV goedgekeurd activiteitenplan;
2. exploitatie jaarlijks bijsturen tot op begroot resultaat;
3. personeelskosten: indien van toepassing strategisch flexibiliseren op basis van tijdsduur gerelateerde inkomsten en of specifieke projectfinanciering;
4. indien van toepassing jaarlijks opnemen in de begroting een onderbouwd beleid ter realisatie van de eventueel noodzakelijke extra inkomsten en of kostenreductie;
5. minimaal een keer per jaar een update van het ‚ÄėRisicomanagement‚Äô met daarin een actieplan voor het beheersen van aan de strategische doelen gerelateerde bedreigingen en kansen.
b. de realisatie van strategische doelen op basis van vastgestelde jaarplannen binnen de begroting en sturing op voortgang en eindresultaat d.m.v. managementrapportages conform het door de ALV vastgestelde schema.
c. het aangaan van verplichtingen:
1. investeringen: vervangings- en initi√ęle investeringen worden, inclusief dekkingsplan, als ge√Įntegreerd onderdeel van de begroting, vastgesteld door het Bondsbestuur en goedgekeurd door de ALV;
2. financiering investeringen: investeringen mogen niet hoger zijn dan de cashflow uit afschrijvingen en of dekking uit verdienmodellen, daarboven als nodig alternatief financieren (huur, lease etc.);
3. reguliere uitgaven: deze zijn gemaximeerd op basis van toegekend budget;
4. de directeur is, binnen de kaders van het Directiestatuut bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten en het aangaan van financi√ęle verplichtingen die de IJNL betreffen;
5. aanstellen en ontslaan van personeel: de directeur dan wel het bondsbestuur in samenspraak met de ALV indien het de directeur betreft.
d. het budgethouders model (voor gezamenlijk beleid/begroting):
Na goedkeuring van het activiteitenplan en de begroting door de algemene ledenvergadering geeft het bestuur de directeur opdracht voor realisatie van het activiteitenplan en de begroting. De directeur is vanuit dien hoofde ook verantwoordelijk voor het tijdig overleggen van periodieke rapportages aan het bestuur waarin budgetbesteding en ‚Äď bewaking van alle geledingen vermeld wordt.

4. Liquiditeitsbeheer:
Er is sprake van actief beheer van het werkkapitaal (activa, debiteuren, crediteuren, et cetera). Tijdelijk beschikbare middelen uit reserves en voorzieningen (meerjarig) worden tegen zo gunstig mogelijke condities rentedragend gemaakt op spaar- en/of depositorekeningen e.d..

5. Eigen vermogen en vermogensbeheer:
Het eigen vermogen is te onderscheiden naar:
a. Vastgelegd vermogen: continu√Įteits- en of bestemmingsreserve(s);
b. Vrij besteedbaar vermogen: algemene reserve(s).
De functie van het vermogen is tweeledig:
a. Bestemmingsreserves (ten behoeve van specifiek beleid): vorming nieuwe reserves, dotaties en onttrekkingen (via de jaarrekening) zullen worden gedaan op basis van voorstel aan het bestuur en besluitvorming door de algemene ledenvergadering.
b. Algemene- en Continu√Įteitsreserve (waarborging continu√Įteit bedrijfsvoering):
Een Algemene reserve zal (als norm) worden aangehouden ter grootte van minimaal ‚ā¨ 100.000 mede als buffer voor operationeel werkkapitaal.

6. Bankrekeningen zonder direct aantoonbaar functioneel belang zullen zoveel als mogelijk worden opgeheven en al het betalingsverkeer zal centraal verlopen via de
hoofdrekening(en) van IJNL.

7. Financiering en geldstromen:
De geldmiddelen van IJNL bestaan uit contributies, subsidies, gerichte bijdragen, commerci√ęle middelen, overige gegenereerde middelen en diversen.

8. Betalingsbevoegdheden:
De betalingsbevoegdheid (het doen van bankbetalingen) is centraal belegd op het bondsbureau in gescheiden functies:
a. administratief (digitaal) gereed maken van betalingsopdrachten: financi√ęle administratie;
b. digitaal accorderen en verzenden van betalingsopdrachten naar de bank:
- tot ‚ā¨ 50.000,00: directeur;
- meer dan ‚ā¨ 50.000,00: directeur met getekende goedkeuring voor de specifieke betaling door bondsbestuur.

9. Managementrapportages:
De directeur rapporteert door middel van kwartaal managementrapportages aan het bondsbestuur over voortgang van strategische doelrealisering en besteding van middelen inclusief liquiditeits- en vermogensbeheer.

Laatst gewijzigd op 27 juni 2024 om 11:41